Debat zonnestelsel

 

De geocentristen en de heliocentristen gaan in een debat het geocentrische wereldmodel van Ptolemaeus respectievelijk het heliocentrische wereldmodel van Copernicus presenteren en verdedigen. Dat doen ze door verschillende waarnemingen die vanaf de aarde gedaan kunnen worden met hun model zo overtuigend mogelijk te verklaren. Uiteraard vallen ze daarbij het wereldmodel van hun tegenstanders aan.

De journalisten volgen het debat en stellen kritische vragen aan beide partijen. Daarnaast maken ze korte aantekeningen over de gebruikte argumenten. Aan het eind van het debat bepalen de journalisten welke partij het debat gewonnen heeft.

De debatleider zit het debat voor en bewaken de tijd strikt. Hij/zij houdt de structuur en de spelregels in de verschillende rondes goed in de gaten. In rondes waar geïnterrumpeerd mag worden bepaalt de debatleider wie wanneer het woord krijgt.

 

Voorbereiding

De groep wordt verdeeld in: geocentristen, heliocentristen, 2 journalisten en 1 debatleider.

De verschillende groepen bereiden zich voor op het debat. Elke groep krijgt daarbij een overzicht van hun model + een lijst van waarnemingen die vanaf de aarde gedaan kunnen worden (en die dus met de modellen verklaard moeten kunnen worden) + een overzicht de structuur van het debat. De geocentristen en de heliocentristen krijgen daarnaast nog een lijst met argumenten die ze kunnen gebruiken om hun eigen model te promoten. Daarnaast kunnen de groepen natuurlijk zelf op zoek gaan naar aanvullende informatie. Tijdens hun voorbereiding dienen de groepen het volgende te kunnen/gedaan te hebben:

 

Geocentristen en heliocentristen

  • Beschrijven hoe het eigen model in elkaar steekt.

  • De verschillende waarnemingen die vanaf de aarde gedaan kunnen worden verklaren met het eigen model.

  • Argumenten aandragen waarom het eigen model beter is dan het andere. Probeer je daarbij ook in te leven in de tegenstanders om tegenargumenten paraat te hebben.

  • Afspreken wie in welke ronde van het debat het woord gaat voeren. Daarbij is het heel goed mogelijk verschillende ‘experts’ in te zetten bij het verklaren van de verschillende waarnemingen.

 

Journalisten

  • Van beide modellen weten hoe ze in elkaar steken.

  • Bij beide modellen kritische vragen kunnen stellen, zowel over de verklaringen van de verschijnselen als over de andere gebruikte argumenten. Daarvoor is het nodig van te bedenken welke verklaringen en argumenten je kunt verwachten.

  • Afspreken wie tijdens het debat wat gaat doen: vragen stellen of aantekeningen maken.

Debatleider

  • Van beide modellen weten hoe ze in elkaar steken.

  • Weten (en snappen!) welke waarnemingen er verklaard moeten worden.

  • De structuur en het tijdschema van het te voeren debat precies kennen en op zo’n manier voor zichzelf opschrijven dat daar tijdens het debat ten alle tijden op teruggegrepen kan worden.

  • Een inleidend praatje voor de opening van het debat voorbereiden.

  • Afspreken wie tijdens het debat wat gaat doen (voorzitten, tijd bewaken, verklaarde verschijnselen doorstrepen).

 

Waarnemingen vanaf de aarde

  1. Dagelijkse opkomst van zon, maan en sterren.

  2. Schijngestalten van de maan in de loop van 29½ dag.

  3. Zons en maansverduisteringen.

  4. Achterblijven van de maan bij de zon.

  5. De achterkant van de maan is nooit te zien.

  6. Venus en Mercurius staan altijd in de buurt van de zon.

  7. Venus is altijd ongeveer even helder en we kunnen schijngestalten zien van Venus.

  8. Mars, Jupiter en Saturnus kunnen overal langs de ecliptica staan.

  9. De planeten Mars, Jupiter en Saturnus beschrijven lusbewegingen tussen de sterren.

  10. Zomers zien we andere sterrenbeelden dan ‘s winters.

  11. Tot op 0,005° nauwkeurig gemeten vertonen de sterren geen parallax.

 

HET DEBAT

 

Opening

Inleiding door de debatleider.

 

Ronde 1

De geocentristen en de heliocentristen presenteren om de beurt hun model. De journalisten kunnen vragen om verheldering van onduidelijkheden (maar vragen nog niets over het verklaren van waarnemingen).

 

Ronde 2A

Eén geocentrist verklaart een waarneming. Kies zelf een waarneming uit. De heliocentristen kunnen daarna vragen stellen over deze verklaring, en mogen daarbij de verklaring van de geocentrist aanvallen. De journalisten mogen ook vragen stellen. Zij mogen ook interrumperen. Ze doen dat door hun vinger op te steken en te wachten tot ze van de voorzitter het woord krijgen.

 

Ronde 2B

Eén heliocentrist verklaart een volgende waarneming. Dat mag dezelfde waarneming zijn. De geocentristen kunnen daarna vragen stellen over deze verklaring, en mogen daarbij de verklaring van de heliocentrist aanvallen. De journalisten mogen ook vragen stellen door te interrumperen.

 

Ronde 2..

Idem, om de beurt mogen verklaren beide partijen een waarneming. Dit gaat door tot alle waarnemingen verklaard zijn of de tijd op is.

 

Slotpleidooi

Slotpleidooi van de heliocentristen, gevolgd door het slotpleidooi van de geocentristen. Er mogen geen nieuwe feitelijke argumenten worden aangedragen, maar wel godsdienstige of ethische argumenten. Er mag door niemand worden geïnterrumpeerd.

 

Afronding

Na een korte schorsing waarin de journalisten zich beraden maken zij de winnaar van het debat met motivatie bekend.