Een toets voorbereiden


 

  • Zorg ervoor dat je op tenminste twee verschillende dagen met de voorbereiding bezig bent.
  • NOOIT BEGINNEN MET HET LEZEN VAN DE TEKST: je hebt de tekst al eerder bestudeerd!

 

  1. Je neemt per paragraaf de kernwoorden voor je (eigen aantekeningen). Je controleert of je de betekenis uit je hoofd kent. Dit herhaal je tot dit het geval is. De meeste kernwoorden staan ook in je boek. Wanneer de kernwoorden onderdeel van een tekening zijn, probeer je deze in te de tekening te benoemen. Je kunt zelf ook een eenvoudige tekening maken. Je controleert verder of je nog weet welk verband er bestaat tussen de kernwoorden.
  2. Je neemt per paragraaf de opdrachten door je die jezelf hebt gemaakt. Je controleert of je de vragen op de juiste manier kunt beantwoorden: eerst antwoorden en dan pas in de tekst opzoeken. Waarschijnlijk zul je nu voor het eerst de tekst in het boek weer lezen. Let extra op de opdrachten waarin je (al eerder) fouten had gemaakt.
  3. Je bekijkt de aantekeningen die in de les gemaakt zijn. Vraag jezelf af wat de betekenis hiervan is.
  4. Bekijk de afbeeldingen in je boek en controleer of je begrijpt wat de bedoeling ervan is.
  5. Eventueel kun je de samenvatting in het boek (of op de methodesite) nog gebruiken om snel een overzicht te krijgen van de belangrijkste onderdelen. Denk eraan dat dit nooit voldoende is.