Ouderdomsbepaling met koolstof-14 methode

  1. Er is nog een kwart van 14C over. Dit is het geval na twee keer de halveringstijd. De halveringstijd van 14C is 5.730 jaar. Fossiel Q is circa 11.460 jaar oud.

  2. 17.000 jaar komt ongeveer overeen met drie keer de halveringstijd. Er is dan nog 1/8 deel over van 14C. In het fossiel zal deze verhouding ongeveer 8 keer zo klein zijn als in de levende organismen.

  3. Als er nog 6,25% van de oorspronkelijke 235U wordt aangetroffen - 1/16 deel - dan is de halveringstijd van 235U vier keer verstreken. De halveringstijd van 235U is 7,04x108 jaar (zie Binas). Dit fossiel is bij benadering 28,16x108 jaar oud.

 

Opdracht